Misstanden
De eeuwige discussie over de varkensnotering zal zich vrijdag weer concentreren op de afzet van het vlees ( altijd slecht) en het aanbod van slachtrijpe varkens. Slachterijen hebben het altijd over de slechte resultaten/rendementen. Varkenshouders doen het zelfde. Al jaren wordt er “gestreden”, altijd dezelfde argumenten. Deze schermutselingen die zich afspelen in de onderste regionen van de verticale varkenskolom, wordt door de retail met argusogen gevolgd. Maar de minachting voor de primaire sector en slachterijen door de retail is groot. Ook al wordt het nooit gezegd, grote inkooporganisaties hebben maar 1 doel. Zoveel mogelijk marge maken op vlees en vleeswaren en daar hoort een zo laag mogelijke inkoop bij. En hoe de slachterij en/of varkenshouder overleven, vinden zij niet haar verantwoordelijkheid. De vleesvarkenshouder probeert al decennia te overleven door de kostprijs laag te houden. Deze overlevingstrategie is inherent aan de agrarische sector. Altijd maar goedkoper produceren, maar de bulkproductie wordt door de jaren heen niet voor hogere prijzen vermarkt. Vlees is niet een inelastisch product, maar het geeft wel te denken hoe de consument is en wordt opgevoed. Landen waar de modale inkomens beduidend lager liggen, zijn de vleesprijzen significant hoger. Eigenlijk moet er tussen de varkenshouders en slachterijen ook geen discussie zijn. Gezamenlijk een machtblok, marktgerichte productie waar een eerlijke vergoeding tegenover staat. Helaas is de praktijk weerbarstig. Vandaag moet een vleesvarkenshouder ongeveer 10 euro (12ct/kg) voer meer voor een varken betalen dan een jaar geleden. De slachterijen betalen 10ct/kg meer dan een jaar geleden. Biggen zijn een paar euro goedkoper dan een jaar geleden. De slachterijen zeggen de prijsverhogingen van de laatste weken niet door te kunnen bereken. Kortom, het lijkt dat aan de onderkant van de productiekolom alleen maar minder wordt verdiend dan een jaar geleden. Het besef dat er fundamenteel iets fout gaat, moet en kan de bovenlaag van de productiekolom zich aanrekenen. In aanmerking nemende, dat er ook in de slachtsector grote machtsblokken zijn, lijkt het voor de hand te liggen dat zij het initiatief nemen om aan deze “misstanden”een eind te maken.
Jan Bakker

