Kans voor bieten in groene economie
Akkerbouwers telen bieten voor de voedingssuiker. Maar er is veel meer mogelijk met bieten. Het gewas kan een belangrijke rol spelen in het realiseren van een groene samenleving, waarbij de economie draait op hernieuwbare onuitputtelijke grondstoffen. Maar de overgang van aardolie naar biomassa gaat erg langzaam, viel onlangs te horen op een seminar in Lelystad. De overheid moet biomassa een grotere rol laten spelen in die transitie en bieten zijn daarvoor een aantrekkelijk gewas.
Ethanol uit bieten
Bietentelerscoöperatie Cosun produceert inmiddels naast suiker ook biogas, vezels en grondstoffen voor verf, coatings en cosmetica uit bieten. Maar met bieten kun je ook efficiënt ethanol produceren. Dat kan weer dienen als brandstof of als grondstof voor de chemische industrie. Het verwerken van bieten tot ethanol is onderzocht in Lelystad op het proefbedrijf Acrres (Application Centre for Renewable Resources) van Wageningen Plant Research in Lelystad. Tot maart 2018 liep daar het project ‘Chembeet’, dat aantoonde dat je efficiënt ethanol kunt produceren uit bieten. Nu draaien daar 2 aanvullende projecten. In het project ‘In Nije Dei’ wordt de ethanolproductie opgeschaald. In het project ‘Biethanol’ worden de reststromen uit de ethanolproductie opgewaardeerd.
Bieten efficiënter dan andere gewassen
De Acrres-proeffabriek produceert door middel van het Betaprocess ethanol uit bieten, in samenwerking met het bedrijf Dutch Sustainable Development (DSD), dat het Betaprocess heeft ontwikkeld. Bieten zijn voor de ethanolproductie efficiënter dan andere gewassen, zegt directeur Hans van Klink van DSD. “We kunnen zo’n 8.500 liter ethanol per hectare bieten produceren. Bij suikerriet is dat maximaal 7.500 liter, bij mais 4.000 liter en bij tarwe is 3.200 liter ethanol per hectare haalbaar. Daarbij vraagt de teelt van bieten minder water dan de andere teelten. En de investering in de ethanolproductie uit bieten is lager dan bij de andere gewassen.”
Milieubelasting
De ethanol kan worden omgezet in andere grondstoffen, onder andere voor verpakkingsmateriaal en de chemische industrie. Dat zijn enorme afzetmarkten. Maar de chemische industrie is terughoudend in het vervangen van hun op aardolie gebaseerde grondstoffen door biomassa, constateert bestuurslid Willem Sederel van Biobased Delta. “De chemiebedrijven hebben hun grootschalige productieprocessen in zo’n 100 jaar sterk geoptimaliseerd. De overstap naar biomassa als grondstof in plaats van aardolie betekent dat de chemiebedrijven nieuwe technieken op kleinere schaal moeten toepassen. Dat is niet concurrerend. Dat komt ook omdat de chemiebedrijven niet betalen voor de milieubelasting die ze veroorzaken.”
Uitstoot CO2 verlagen
Daarom moet de overheid veel meer doen om biomassa aantrekkelijk te maken voor bedrijven, vindt Sederel. “De EU stelt als doel om de CO2-uitstoot in 2030 met 40% te verlagen ten opzichte van 1990. Nederland streeft zelfs naar 49%. De overheid heeft ambitieuze doelen gesteld in het klimaatakkoord, maar zet niet alle opties in om die doelen te halen. De overheid onderschat de rol van duurzame biomassa.”
Afweging van boeren
De biomassa moet voor een deel worden geteeld door boeren. Die hebben zo hun eigen afwegingen, blijkt uit een onderzoek van het EU-project Panacea. In het project zijn begin dit jaar ruim 200 boeren in een aantal lidstaten, waaronder Nederland, gevraagd waarom ze gewassen zouden telen voor non-food-toepassingen. De boeren konden kiezen uit 8 criteria. Uit de studie blijkt dat de winstgevendheid het allerbelangrijkste criterium is voor de telers om over te stappen op non-food-gewassen. Daarnaast mag het non-food-gewas geen negatief effect hebben op de andere gewassen in de vruchtwisseling. Helemaal onderaan hun verlanglijstje staat stimuleringsmaatregelen door de overheid. Dat speelt de kleinste rol in de afweging om een non-food-gewas te telen.
Twijfels over voedingsgewassen voor groene economie
Er is echter discussie of je voedingsgewassen wel moet gebruiken als grondstoffen voor een groene economie. De EU heeft in haar beleid voor verduurzaming een voorkeur voor grondstoffen van de tweede generatie boven voedingsgewassen. Bestuurder Sederel van Biobased Delta stelt echter dat voedingsgewassen onmisbaar zijn om een volledig groene economie te realiseren. “Daar zijn simpelweg niet genoeg reststoffen voor beschikbaar. Het gebruik van voedingsgewassen hoeft ook geen probleem te zijn. Er wordt meer dan voldoende voedsel geproduceerd. Er gaat veel voedsel verloren, er wordt veel verspild en in de westerse wereld wordt te veel voedsel geconsumeerd.”
Bieten leiden tot de hoogste reductie van broeikasgassen
Duurzaam
Het Duitse onderzoeksinstituut Nova in Keulen deed onderzoek naar de duurzaamheid van eerste en tweede generatie grondstoffen. Het gebruik van voedingsgewassen als grondstof voor de productie van biobrandstof is minstens zo duurzaam als de tweede generatie grondstoffen, stelt onderzoeker Elke Breitmayer. Nova heeft daarvoor suikerbieten, suikerriet, tarwe, mais, boshout, afvalhout, reststoffen en gft-afval met elkaar vergeleken. Breitmayer concludeert dat suikerbieten en suikerriet het beste scoren. “Het zijn efficiënte gewassen met een hoge opbrengst per hectare. Ze leiden tot de hoogste reductie van broeikasgassen.”
CO2-doelen halen
Volgens secretaris Eric van den Heuvel van het Platform Duurzame Biobrandstoffen dringt de tijd voor de mensheid. “Van alle brandstof in de wereld wordt de helft gebruikt voor verwarming in huizen of bedrijfsprocessen, een kwart is voor het transport en een kwart voor energieopwekking. Verwarming is voor 72% gebaseerd op fossiele brandstoffen, bij energie is dat 77% en het transport draait nog altijd voor 96% op fossiele brandstoffen. Hoe langer we wachten, des te drastischer de maatregelen die we moeten nemen om de doelen te halen. Het wordt hoog tijd dat we de landbouw en de bosbouw zo gaan organiseren, dat aardolie en mijnbouw overbodig zijn en dat we aan alle behoeften van de mensen voldoen zonder overbelasting voor onze planeet.”
Bron: Boerderij

