• nl NL
  • en EN
  • fr FR
  • Inloggen
De Vries & Westermann Bv
De vries & westermann Bv
  • Aardappelen
    • Nieuws
  • Granen
    • Nieuws
  • Oliezaden
    • Nieuws
  • Suiker
    • Nieuws
  • Melk
    • Nieuws
  • Financieel
  • Diensten
    • Educatie
    • WhatsApp service
    • Nieuwsbrief
  • Contact
    • Inschrijfformulier
    • Wie zijn wij
search

Er gaan 2 kilo aardappels in 1 kilo frites: waar blijft de rest?

  1. Homepage
  2. >
  3. Aardappelen
  4. >
  5. Aardappelen actueel nieuws
  6. >
  7. Er gaan 2 kilo aardappels in 1 kilo frites: waar blijft de rest?

Er gaan 2 kilo aardappels in 1 kilo frites: waar blijft de rest?

  • 24 mei 2018
  • Aardappelen actueel nieuws

Per jaar wordt 2 miljoen ton voedsel verspild in Nederland. Om voedselverspilling effectief aan te pakken moet inzichtelijk zijn waar in de keten de verspilling plaatsvindt. Niet elk bedrijf heeft dit inzicht, fritesproducent Lamb Weston / Meijer wel. En daar is het bedrijf ook nog eens volledig transparant over. “Om 1 kilo frites te maken is 2 kilo aardappelen nodig. Het is zaak om niet vermijdbare reststromen zowel ecologisch als economisch zo hoog mogelijk te verwaarden.”

Wereldwijd wordt ruim 30 procent van het geproduceerde voedsel verspild. “Eén op elke drie geproduceerde calorieën belandt dus niet in de mond van consumenten”, bevestigt Jolanda Soons, duurzaamheidsmanager bij Lamb Weston / Meijer. In de aardappelketen vindt de meeste voedselverspilling plaats aan het begin, tijdens teelt en opslag, en aan het einde, bij de consument. Dat is niet alleen verspilling van kostbaar voedsel, maar ook van energie, land en water dat voor voedselproductie is ingezet. “Een kwart van alle CO2-emissies wereldwijd wordt direct veroorzaakt door de teelt van landbouwgewassen voor productie van voedsel en veevoer”, weet Soons.

Voedselketens sluiten volgens circulair model

Voordat de begrippen ‘duurzaamheid’ en ‘circulaire economie’ gemeengoed waren omarmde Lamb Weston / Meijer al een integrale duurzaamheidsstrategie. Eén van de pijlers in deze strategie is het thema ‘Aardappel & Afval’. Hierbij draait het niet alleen om het tegengaan van verlies en verspilling van voedsel. Het uiteindelijke doel is om volgens een circulair model voedselketens te sluiten. Dat betekent dat er geen afval ontstaat, je verliezen en verspilling tijdens productie zoveel mogelijk vermindert en niet vermijdbare reststromen zo hoog mogelijk worden verwaard.

"Eén op elke drie geproduceerde calorieën belandt niet in de mond van consumenten"

Wat de aardappelverwerker betreft is een duurzame ambitie niet alleen noodzaak maar ook business. “Wereldwijd had geen van onze concurrenten duurzaamheid opgepakt in 2011. Wij zagen kansen om ons op dit thema strategisch te onderscheiden”, blikt Soons terug. “Een typisch voorbeeld van Nederlands ondernemerschap en een cultuur om uitdagingen om te zetten in kansen”.

Soons benadrukt bovendien dat ze niet aan ‘aaibare duurzaamheid’ doen. “Wij hebben ingezet op het maken van impact. Dat is nu een hip woord maar wij hebben daar zeven jaar geleden bewust voor gekozen.” Soons vervolgt: "om impact te realiseren moet je eerst weten wat de belangrijkste issues zijn voor jouw product en waar voor jouw bedrijf dus de belangrijkste uitdagingen liggen. Deze bepalen de materiële thema’s om impact te maken, waarna er concrete en meetbare doelstellingen aan verbonden kunnen worden."

Hoeveel voedsel gaat verloren en wordt verspild?

Een uitgebreide studie in 2013 was daarom cruciaal voor Lamb Weston / Meijer om het verlies en de verspilling in de fritesketen van ‘veld tot vork’ in kaart te brengen. Het onderscheid tussen verlies en verspilling is belangrijk. Verlies gaat over wat niet langer als voedsel kan worden ingezet, maar wel op een andere nuttige manier wordt gebruikt, zoals voor veevoer of biobased producten.

Dit is het geval bij aardappelstoomschillen, die als lokaal veevoer dienen en vooral door varkens worden opgegeten. Organische reststromen uit de levensmiddelenindustrie die in een biovergister belanden, voor opwekking van biogas, worden technisch wel meegerekend als voedselverspilling. Aardappelen die op het land achterblijven na de oogst, of wegrotten tijdens bewaring horen ook tot verspilling. En aardappelen die consumenten thuis in de kliko gooien, gelden uiteraard ook als voedselverspilling.

"Impact is een hip woord maar wij hebben daar zeven jaar geleden bewust voor gekozen"

Voor het produceren van 1 kilo frites is ongeveer 2 kilo aardappelen nodig. Wat gebeurt er met die andere kilo? Lamb Weston / Meijer heeft dit inzichtelijk gemaakt via een massabalans, opgesteld in 2013, waarin per processtap is becijferd hoe groot het verlies is. Daarnaast hebben zij de bestemming van de reststroom weergegeven. Daaruit blijkt dat een aanzienlijk deel van de massa die verloren gaat bestaat uit water, dat verdampt tijdens vooral het voorbakken van de frites, dit varieert van 12 tot wel 20 procent.

Aardappelen komen de fabriek binnen met aanhangende aarde en stenen, ofwel ‘tarragrond’. Dit is 4 procent van het totaalgewicht en gerelateerd aan de oogstomstandigheden per jaar. Deze ‘schone grond’ wordt ingezet om land op te hogen in daarvoor aangewezen lagergelegen gebieden. Derde grote verliespost is het schillen van de aardappelen, omdat wereldwijd de meeste consumenten hun frites het liefst zonder schil eten. Stoomschillen zorgt voor 7 procent schilverlies. Dat is relatief weinig, met handmatig  schillen, zelfs met een dunschiller, verlies je ongeveer 20 procent aan schil.

In totaal ontstaan bij Lamb Weston / Meijer jaarlijks zo’n 350 miljoen kilo aan reststromen. Hiervan krijgt 99,7 procent nu al een nuttige herbestemming. Streven naar 100 procent hergebruik is voor het bedrijf niet ambitieus genoeg. De focus ligt allereerst op het verder voorkomen en verminderen van interne verliezen. Daarna komt het zo hoog mogelijk verwaarden van niet vermijdbare reststromen. Dat vraagt om visie, innovatie, samenwerking en investeringen.

Vermarkten van reststromen

Binnen het bedrijf bestonden al veel goede ideeën voor betere verwaarding van de reststromen. Sinds drie jaar is er in het new business development team iemand aangesteld die zich bezighoudt met het ontwikkelen van nieuwe producten en afzetmarkten op dit gebied. De vele goede ideeën zijn teruggebracht tot een shortlist met de beste kansen, die in samenwerking met andere partijen zoals Wageningen Food & Biobased Research worden onderzocht.

"Voor het produceren van één kilo friet is twee kilo aardappels nodig. Waar blijft de rest?"

“We moeten namelijk eerst onderzoeken of een idee ook op lab-schaal werkt. En daarna is de vraag of het ook economisch rendabel is”, legt Soons uit. "Een voorbeeld zijn onze aardappelstoomschillen. Die worden nu rechtstreeks als veevoer ingezet. Dat is nuttig en geen voedselverspilling. Maar hierin zitten ook waardevolle nutriënten die direct als voedselingrediënt gebruikt kunnen worden. Wellicht kunnen we hier meer uithalen."

Daarom heeft Lamb Weston / Meijer binnen het CARVE-onderzoeksprogramma met Wageningen Food & Biobased Research onderzocht hoe suikers uit aardappelstoomschillen gehaald kan worden. Dat project is inmiddels afgerond. "Volgende stap is om te kijken we of we ook aardappeleiwit op een economisch rendabele manier uit de schillen kunnen halen. Daarin zit een nog hogere voedings- en economische waarde. Plantaardige eiwitten zijn de toekomst en aardappeleiwit is allergeenvrij”, legt Soons uit.

Bron: AGF

ADVERTENTIES

Weer