Vondsten wratziekte bevestigen belang van brede aanpak

Wratziekte (veroorzaakt door de schimmel Synchytrium endobioticum) is geen nieuwe ziekte voor de aardappelteelt. In Nederland komen de fysio’s 1, 2, 6, 18 en 38 voor. Fysio 1 bevindt zich in het zuidoosten, de andere pathotypes zijn in het noordoosten gevonden. Fysio 38 is nog maar kort geleden in Nederland ontdekt. In 2020 stelde de NVWA wratziekte vast op drie percelen in de gemeente Stadskanaal. Deze besmettingen bleken na uitvoerig onderzoek veroorzaakt door het toentertijd voor Nederland nieuwe pathotype 38.
Om goed in kaart te brengen hoe groot het probleem in het betreffende gebied is, deed de NVWA dit jaar naar verhouding meer controles in de nabije omgeving van deze eerder geconstateerde besmettingen. Zo werden binnen een straal van 5 kilometer twintig inspecties gedaan en op een afstand van 5 tot 10 kilometer nog eens twintig. Bij deze controles heeft de NVWA geen symptomen van wratziekte gevonden. Drie besmettingen zijn in de controles door de NAK naar bruin- en ringrot (in opdracht van de NVWA) naar voren gekomen.
De besmettingen zijn vastgesteld op aardappelpercelen in de gemeenten Westerwolde (GR), Veendam (GR) en Emmen (DR). De twee besmettingen in de gemeente Westerwolde zijn gedaan op minder dan 5 kilometer afstand van de in 2020 aangetroffen besmettingen. De vondst in Emmen komt voort uit de melding van een teler die symptomen van wratziekte aantrof op zijn geoogste aardappelen.
Onderzoek naar pathotype
Voor elke besmetting met wratziekte onderzoekt de NVWA welk pathotype de oorzaak hiervan is. Naar verwachting zullen de betreffende pathotypes in juni 2022 bekend worden. De zetmeelaardappelsector wacht nu in spanning af of het één van de al bekende fysio’s is of dat er – in het slechtste geval – mogelijk nog een nieuw pathotype is gevonden.
De nieuwe vondsten zijn een tegenvaller, maar gezien de weersomstandigheden had het dit jaar veel slechter kunnen uitpakken. De NVWA omschrijft 2021 vanwege de grote hoeveelheden neerslag als een echt wratziektejaar. Voorzitter Dirk Jan Beuling van de LTO-werkgroep Zetmeelaardappelen bevestigt dat. Wratziekte is net als phytophthora een schimmel die goed gedijt bij natte weersomstandigheden. Ondanks preventieve maatregelen kan de ziekte zich toch ineens openbaren. „In die context had het veel erger kunnen zijn. Maar dat neemt niet weg dat deze vondsten voor de betreffende telers heel vervelende ontwikkelingen zijn”, aldus Beuling.
Sinds 1987 zijn in het veld en in het laboratorium veel aardappelrassen onderzocht op resistentie tegen wratziekte. Deze rassen en de resultaten van het onderzoek zijn terug te vinden in het overzicht van aardappelrassen. Dit overzicht wordt jaarlijks aangevuld. Rassen die niet meer in het verkeer zijn, blijven wel in het overzicht staan. Deze kunnen namelijk in stand worden gehouden voor veredelingsdoeleinden.
Quarantainestatus
Wratziekte heeft in de EU de quarantainestatus, waarvoor strenge wettelijke regels gelden. Wanneer de NVWA symptomen in het veld (woekeringen op de aardappelknollen) aantreft en de aanwezigheid van het organisme daarna officieel door de mycologen van de NVWA is bevestigd, wordt dat perceel besmet verklaard en mogen op dit perceel twintig jaar lang geen aardappelen en geen voortkwekingsmateriaal (zoals bloembollen, bomen en vaste planten) worden verbouwd. Van deze cultuurgewassen is de aardappel de enige waardplan, de belangrijkste verspreidingswijze is via pootgoed en grond. Het is bekend dat de schimmel wel dertig tot veertig jaar kan overleven in de grond. Afhankelijk van de fysio is versoepeling mogelijk na vijf jaar. Gaat het om fysio 18, dan wordt rond het besmette perceel een zogenoemd kerngebied ingesteld met een straal van 1 kilometer rond dit perceel. Binnen zo’n kerngebied is de rassenkeuze voor de zetmeelaardappelteelt kleiner dan in het omliggende gebied.
Rassenkeuze is een belangrijke factor in het verkleinen van de risico’s op besmettingen met wratziekte. Van veel rassen is bekend wat hun resistentie is tegen wratziekte. Hoe hoger het cijfer, hoe beter het ras bestand is tegen de schimmel. Rassen met het cijfer 10 zijn resistent, met het cijfer 9 weinig vatbaar en met het cijfer 8 zijn licht vatbaar voor de betreffende fysio. Rassen die voldoende resistent zijn tegen één meer pathotypes kunnen desondanks heel vatbaar zijn voor andere pathotypes. Dat maakt de zoektocht naar het ideale ras voor het noordoosten, vanwege de aanwezigheid van meerdere fysio’s, extra lastig.
Resistentie tegen fysio 38
In de komende maanden worden vijftig aardappelrassen onderzocht op resistentie tegen fysio 38. Dit officiële onderzoek bestaat uit twee achtereenvolgende laboratoriumtoetsen. Van de eerste toets worden de resultaten in maart 2022 verwacht. Aansluitend daarop vindt de tweede toets plaats. Hiervan worden de resultaten in juni verwacht. Daarna wordt het officiële resistentiecijfer bekendgemaakt.
Ook de sector zelf probeert meer grip te krijgen op de quarantaineziekte. Mede daarom werkt de sector aan een plan van aanpak. Er is grote behoefte aan duidelijkheid en informatie over de actuele stand van zaken en eventuele maatregelen die telers kunnen nemen om het bedrijf te beschermen tegen besmettingen met wratziekte. In het Plan van Aanpak Wratziekte, dat zich richt op met name Noordoost-Nederland, wordt dan ook gewerkt aan zaken als kennisontwikkeling, bewustwording, maatregelen om besmettingen te voorkomen. In de stuurgroep zitten naast telers onder meer vertegenwoordigers van stichting TBM, Avebe en kweekbedrijf Averis, en adviseurs van HLB en NVWA.
Bron: Akkerwijzer

